Een transistor kun je gebruiken als een versterker. Een transistor moet je goed aansluiten anders werkt je schakeling niet.
Een transistor heeft 3 pootjes: linker poot is C (=collector) midden poot is B (= basis) rechter poot is E (= emitter) Met de B regel je de transistor
Buig de 3 pootjes uit elkaar. Zet de uiteinden een beetje om. Zo kun je de pootjes beter solderen.
Sluit de transistor goed aan: linkerpoot aan de C middenpoot aan de B rechterpoot aan de C
Het digitaal technieklokaal 26 opdrachten 93 begrippen 25 zo doe je het home © Hans Reijnders; Goirle 2003 reageer