De brugperiode
De brugperiode telt twee jaren en is ingericht volgens een breed en flexibel dakpansysteem in klas 1. Binnen dit systeem werken we met stromen. Hiermee is de leerling in de gelegenheid te verstromen als dat nodig blijkt. Zo kan voor de individuele leerling de best passende onderwijsvorm gekozen worden. Voor de instroom in de 1e klas gebeurt dat in overleg met de ouders, naar aanleiding van het advies van de basisschool, CITO-scores en andere testresultaten.
De stromen binnen 2College Durendael zijn:
- VMBO - basisberoepsgerichte leerweg
- VMBO - kaderberoepsgerichte leerweg, gemengde leerweg en theoretische leerweg
- VMBO t- HAVO (op HAVOniveau)
- HAVO/VWO
- Tweetalig HAVO/vwo en tweetalig vwo
De leerlingen in klas 1 hebben in het begin van het schooljaar een kennismakingsweek met daarin diverse activiteiten. Een van de onderdelen is een soort brugklaskamp gedurende 3 dagen. De kosten van deze dagen worden via Iddink geïncasseerd. Leerlingen zijn verplicht deel te nemen aan alle activiteiten van deze kennismakingsweek.
In alle eerste klassen wordt er vanaf schooljaar 2008-2009 gewerkt met de Kanjertraining. De Kanjertraining is een methodiek waarbij het oplossingsvermogen van kinderen wordt gebruikt. De lessen zijn gericht op de verbetering van het sociaal-emotionele klimaat in groepen. Leerlingen leren omgaan met hun gevoelens, voor zich zelf op komen, luisteren naar anderen en conflicten op een goede manier opossen. Hierdoor ontstaat een veilig pedagogisch klimaat.
De Kanjerprincipes zijn voor leerlingen vertaald in eenvoudige gedragsregels:
- We lachen elkaar niet uit
- We spelen niet de baas
- We doen niet zielig
- We helpen elkaar
- We vertrouwen elkaar en zijn te vertrouwen
Na de herfstvakantie starten de lessen in het mentoruur. Tot de herfstvakantie worden mentoren geschoold. Alleen gecertificeerde docenten kunnen de lessen verzorgen. In klas 1 en 2 werken mentoren samen voor een optimale begeleiding van de leerling. De mentoren geven zoveel mogelijk les in de klassen 1 en 2 en zijn bekend voor de leerling. De mentor van uw kind is de eerste contactpersoon op school. Naast de Kanjertraining in de 1e klassen worden leerlingen in de mentorlessen voorbereid op studie, beroep en maatschappij. In onze opzet streven we eveneens naar een goed en direct contact met ouders. Door een evaluatie met leerlingen, ouders, mentoren en vakdocenten houden we de uitwerkingen van onze doelstellingen tegen het licht.
Basisvorming
In klas 1 en 2 krijgen de kerndoelen van de Vernieuwde Onderbouw gestalte, alsmede de vakoverstijgende vaardigheden. Grote nadruk ligt op het aanleren van vaardigheden en de samenhang tussen de leerstofonderdelen
Verstromen in het brugjaar
Tussentijds overstappen naar een andere stroom kan soms plaatsvinden gedurende het eerste brugjaar of aan het einde van dat jaar. De meeste leerlingen zullen worden bevorderd naar het tweede brugjaar van dezelfde stroom.
De afdeling VMBO
Het VMBO kent 4 sectoren: Techniek, Landbouw, Zorg en Welzijn en Economie.
Op 2 college Durendael kunnen leerlingen in de basis- en kaderberoepsgerichte leerweg na het tweede leerjaar kiezen voor de sectoren Zorg en Welzijn en Economie (mode en commercie). In de gemengde en de theoretische leerweg kan er uit alle 4 de sectoren een keuze gemaakt worden.
Binnen de sectoren zijn er dan weer sectorverplichte en sectorrelevante vakken:
- Techniek met wiskunde en nask 1 (meer nadruk op natuurkunde)
- Landbouw met wiskunde, nask 1 of biologie
- Zorg en welzijn met biologie, wiskunde of maatschappijleer 2
- Economie met economie en Duits of Frans of wiskunde
Leerjaar HAVO/VWO 3
Het derde leerjaar van HAVO/vwo is een uitermate belangrijk jaar. Het vormt de schakel tussen onderbouw en bovenbouw. Leerlingen moeten gaan wennen aan zelfstandiger werken en plannen en aan het leren dragen van verantwoordelijkheid voor hun eigen studie. Tegelijkertijd vindt aan het einde van leerjaar 3 de keuze plaats voor een profiel in de bovenbouw. Samen met de decaan en in samenspraak met ouders en leerling begeleiden de mentoren van leerjaar 3 dit proces zeer intensief.
Daarnaast organiseren we allerlei profielverkenningsactiviteiten, waarbij leerlingen kennismaken met de verschillen tussen de diverse profielen in de Tweede Fase. In februari/maart van elke schooljaar organiseren we de Durendael Tweedefasedag. Alle leerlingen van leerjaar h/v 3, leerlingen van VMBO4 T met belangstelling om op te stromen naar HAVO en ook alle externe belangstellende leerlingen maken dan kennis met alle specifieke bijzonderheden van de Tweede Fase HAVO/vwo. Deze dag heeft het karakter van een meeloopdag.
Tweetalig onderwijs (tto)
In schooljaar 2003/2004 zijn we gestart met het tweetalig vwo. Leerlingen krijgen minstens de helft van hun vakken in het Engels (geldt voor de klassen 1 t/m 3). Per 1 augustus 2004 werd gestart met een klas tweetalig HAVO/vwo. Vanaf de tweede klas gaan deze leerlingen verder in tweetalig HAVO of in tweetalig vwo. In april 2007 heeft de visitatiecommissie van het Europees Platform 2College Durendael, met een zeer goede beoordeling, officieel gecertificeerd als Junior TTO School. Dit betekent dat een leerling die de leerjaren 1 t/m 3 van het tweetalig onderwijs goed afsluit het zogenaamde Junior Certificate in ontvangst kan nemen. Een leerling heeft vervolgens de mogelijkheid om in de bovenbouw het International Baccalaureate (internationaal erkend diploma)-programma te gaan volgen.
De Tweede Fase HAVO/VWO
Vanaf schooljaar 2007-2008 is, te beginnen in leerjaar HAVO4 en VWO4, de Vernieuwde Tweede Fase HAVO/VWO ingevoerd. De uitgangspunten voor de Vernieuwde Tweede Fase zijn gelijk gebleven aan die van de oude, namelijk het stimuleren van actief en zelfstandig leren, recht doen aan verschillen tussen individuele leerlingen enerzijds en tussen de onderwijssoorten HAVO en VWO anderzijds en een brede vorming bieden. Veranderingen zijn vooral te vinden op het gebied van de vakken (bijvoorbeeld het afschaffen van de zogenaamde deelvakken) en de organisatie (scholen krijgen meer ruimte om de Tweede Fase naar eigen wens in te richten).
In combinatie met het groeiende aantal leerlingen HAVO/VWO op Durendael en de verruimde mogelijkheden die de regelgeving voor de vernieuwde Tweede Fase biedt, hebben we gekozen voor de volgende inrichting van onze Tweede Fase HAVO/VWO:
Als motto voor de vernieuwde bovenbouw HAVO/VWO hanteren we: balans tussen realisme en ambitie. Binnen de kaders van het Schoolontwikkelplan van 2College (zie algemeen gedeelte van deze gids) geven we op eigen wijze vorm aan de Tweede Fase HAVO/VWO op Durendael. In zijn algemeenheid houdt dat in dat we het vak weer teruggeven aan de leraar en de leraar weer aan het vak, m.a.w. de (te) grote vrijheid, die zowel door docenten als leerlingen als knelpunt aangegeven is in de oude Tweede Fase, wordt deels teruggedraaid naar een meer sturend model.
Specifiek voor de bovenbouw VWO betekent dit werken aan academisering. Concreet vertaalt zich dat in de aandacht voor het aanleren van academische vaardigheden (zoals bijvoorbeeld het opzetten en uitvoeren van een onderzoek, maar ook het volgen van een hoorcollege) en het verbreden, zowel in de diepte als in de breedte, van de kennisbasis van leerlingen. Dit alles staat in het teken van een toenemende kritische en onderzoekende houding die kenmerkend is voor academisch denken en werken.
Voor de bovenbouw HAVO gaan we meer de nadruk leggen op de aansluiting met het Hoger Beroeps Onderwijs. Dat betekent dat we meer aandacht gaan besteden aan competentieontwikkeling. Nog meer dan voorheen zijn banden met vervolgopleidingen (universiteiten en hogescholen) van belang. Inmiddels nemen we al deel aan een aantal aansluitingsprojecten (o.a. met de TuE en de UvT).
Uiteraard is er ook volop aandacht voor de ontwikkeling van het zogenaamde International Baccalaureate, het vervolg in de bovenbouw op het tweetalig onderwijs van leerjaar 1 tot en met 3. IB-leerlingen doen examen op het B-level (HAVO) of A2-level (VWO). Deze examens zijn internationaal gestandaardiseerd en erkend en leveren voordelen op bij Engelstalige vervolgopleidingen en sowieso bij academische bachelorstudies waar de voertaal steeds vaker Engels is en waar al sinds jaar en dag alle literatuur Engelstalig wordt aangeboden.
Het Studiehuis
Een belangrijk onderdeel van de Tweede Fase HAVO/VWO is het zogenaamde Studiehuis. Het is een fysieke omgeving waar de leerling leert om zelfstandig te werken, maar tegelijkertijd ook een abstract begrip waarmee de groei naar zelfstandigheid van de bovenbouwleerling wordt aangeduid.
In de oude Tweede Fase had de leerling de vrijheid om een behoorlijk stuk van zijn weektaak zelf in te vullen (ongeveer 10 tot 15 procent). In alle evaluatiegesprekken geven zowel leerlingen als docenten aan, dat dat teveel is. Leerlingen geven ook aan behoefte te hebben aan structuur en duidelijkheid. Tegelijkertijd blijft overeind staan de opdracht die we als school hebben om leerlingen te helpen groeien naar zelfstandigheid. Op basis van die bevindingen en rekening houdend met al eerder beschreven kaders, ziet het Studiehuis er met ingang van schooljaar 2007-2008 als volgt uit:
Het aantal niet-vakgebonden studiehuisuren (waarin leerlingen zelfstandig kunnen werken in groepen of individueel) is 2 uren per week. Daarnaast voeren we zogenaamde C-uren in. In die uren werken leerlingen onder leiding van docenten en mentoren aan vakoverstijgende vaardigheden (bijvoorbeeld presenteren), aan vaklesopdrachten en aan opdrachten in het kader van hun loopbaanoriëntatie. Alle resultaten hiervan worden vastgelegd in een (digitaal) portfolio. De mentor beoordeelt de procesmatige kant van de vaklesopdrachten en de vakdocent de resultaatkant.
Alle andere momenten in de week zijn dus vaklessen. In de zogenaamde vrije ruimte bieden we de leerlingen de mogelijkheid om studielasturen op te voeren voor activiteiten als bijles geven aan onderbouwleerlingen, lesassistentschap, deelname aan commissies, stage (bijvoorbeeld op een basisschool).
Vluchtelingenonderwijs
Onze school kent ook een aparte afdeling voor vluchtelingenonderwijs. Deze afdeling heeft een eigen locatie op het Asielzoekerscentrum in Oisterwijk. In deze afdeling wordt lesgegeven aan Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen (AMV-ers). De afdeling heeft een vaste groep docenten.
AMV-ers vormen een speciale groep leerlingen. Ze zijn afkomstig uit vele verschillende landen, waarvan Somalië, Irak en China op dit moment de belangrijkste zijn. Kort na aankomst in Nederland worden zij hier geplaatst in afwachting van hun asielaanvragen. De meeste leerlingen hier zijn tussen de 16 en 18 jaar en dus leerplichtig.
De leerlingen worden na een intakegesprek in één van de vier groepen geplaatst. Groep één betreft leerlingen die helemaal niet kunnen lezen of schrijven of alleen bekend zijn met een ander alfabet dan het onze, zoals het Arabische of Chinese schrift. Ze leren zo snel mogelijk Nederlands. De groepen twee, drie en vier beheersen het Nederlands steeds beter.
Naast Nederlands krijgen de leerlingen ook les in andere vakken, zoals rekenen, drama, maatschappelijke oriëntatie en computerkunde. Ook seksuele voorlichting en sport ontbreken niet. Daarnaast is ons onderwijs de laatste jaren uitgebreid met diverse praktijkvakken. Dit is zeer belangrijk voor deze doelgroep, omdat veel van onze leerlingen niet voorgoed in Nederland kunnen blijven. Kennis van praktijkvakken draagt bij aan een grotere kans op succes bij terugkeer.
Fashion, Computer Hardware en Techniek staan dan ook met de nodige uren op het rooster. ICT-design geeft leerlingen de gelegenheid zich te bekwamen in programma’s zoals Adobe Photoshop. Ook hebben onze leerlingen de gelegenheid om te internetten.
Bij het geven van onderwijs houden wij rekening met onze algemene doelstellingen. Zo willen wij leerlingen activeren, hen het gevoel geven dat ze nuttig en goed bezig zijn, eigen verantwoordelijkheidsgevoel benadrukken en daar ook regelmatig een beroep op doen. Verder willen wij extra aandacht vestigen op hun vaardigheden en duidelijk maken waar ze goed in zijn en wat nog verbeterd kan worden. We willen ze bewust maken van hun levensdoel en levenspatroon. We willen proberen hun mogelijkheden te koppelen aan hun dromen en idealen. Daarbij bevorderen we hun persoonlijke ontwikkeling door gesprekken en zelfreflectie.