overgangsnormen
 
Inleiding
 
-            In de toekomst worden de eisen van het examen strenger. Niet alleen worden de kernvakken Nederlands, wiskunde en Engels belangrijker in de beoordeling, ook het gemiddelde van het centraal examen mag niet beneden de 5,5 liggen.
-            We streven er naar dat de eindcijfers van het rapport van klas 3 gelijkwaardig zijn met de SE-cijfers op dat moment. Toch komt het nu voor dat een leerling bevorderd kan worden terwijl de SE-cijfers onvoldoende zijn voor een goede start in klas 4.
-            Doubleren in de eerste klas  leidt nagenoeg nooit tot succes.
-            Als leerlingen in de derde klas doubleren en ze zijn in de eerste of tweede al blijven zitten, kunnen ze uiterst moeilijk geplaatst worden op een andere school; deze leerlingen zouden al in een eerder stadium een andere leerroute moeten volgen.
 
 
van klas 1 naar klas 2:
De beoordeling van de leerlingen vindt plaats in twee ronden:
 
Ronde 1:
Slechts één van de vakken Nederlands, Engels of wiskunde mag minimaal een 5 zijn; de andere twee moeten zes of meer zijn. Is dat niet zo, dan kan de leerling niet rechtstreeks bevorderd worden naar klas 2. De leerling komt in de bespreking.
 
Ronde 2:
Alle vakken tellen even zwaar mee. Een vijf telt als één verliespunt, een vier telt als anderhalf verliespunt en een drie telt als twee verliespunten.
Aantal verliespunten: 0, 1, 1½ of 2: deze leerlingen gaan over naar klas 2.
Aantal verliespunten: 2½ of meer: deze leerlingen worden besproken. Zij kunnen ofwel het advies krijgen over te stappen naar een ander schooltype of over te gaan naar 2 mavo of te doubleren.
 
Een leerling die opstroomt, moet daar de ambitie en de motivatie voor hebben en de leerling zal redelijkerwijs de havo in 5 jaren moeten kunnen halen.
De TOA toetsen zullen op niveau moeten zijn. Hiermee bedoelen we :
Rekenen 1F vaardigheidsscore > 70 % ; Nederlands lezen 1F-2F vaardigheidsscore > 75% en Engels lezen A1-A2 vaardigheidsscore > 60%.
Zijn de scores lager, dan kan de docentenvergadering op basis van argumenten toch tot een positief besluit komen.
Een leerling kan alleen opstromen indien hij minimaal een 7,5 gemiddeld heeft voor alle vakken en een 7,5 gemiddeld voor de vakken Ne, En, wi heeft. Ook hier is het mogelijk dat bij minder dan 7,5 docentenvergadering een positief opstroombesluit neemt.
 
Van klas 2 naar klas 3 :
De beoordeling van de leerlingen vindt plaats in twee ronden:
 
Ronde 1:
Slechts één van de vakken Nederlands, Engels of wiskunde mag minimaal een 5 zijn; de andere twee moeten zes of meer zijn. Is dat niet zo, dan kan de leerling niet rechtstreeks bevorderd worden naar klas 3. De leerling komt in de bespreking.
 
Ronde 2:
Alle vakken tellen even zwaar mee. Een vijf telt als één verliespunt, een vier telt als anderhalf verliespunt en een drie telt als twee verliespunten.
Aantal verliespunten: 0, 1, 1½ of 2: deze leerlingen gaan over naar klas 3.
 
Aantal verliespunten: 2½ of meer: deze leerlingen worden besproken. Zij kunnen ofwel het advies krijgen over te stappen naar een ander schooltype of over te gaan naar klas 3 of te doubleren.
 
 
Van klas 3 naar klas 4 :
De beoordeling van de leerlingen wat betreft bevorderen
of doubleren vindt plaats in drie ronden:
 
Ronde 1:
Slechts één van de vakken Nederlands, Engels of wiskunde mag minimaal een 5 zijn; de andere twee moeten zes of meer zijn. Is dat niet zo, dan kan de leerling niet rechtstreeks door naar ronde 2. De leerling wordt besproken. In alle andere gevallen kan de leerling door naar ronde 2. (NB: bij leerlingen die wiskunde niet mee nemen naar klas 4 gelden alleen de vakken Nederlands en Engels)
 
Ronde 2:
In deze ronde tellen alle vakken mee die in klas 3 op het rooster staan. Een vijf telt als één verliespunt, een vier telt als anderhalf verliespunt en een drie telt als twee verliespunten.
 
Is het aantal verliespunten 0, 1, 1½ of 2 dan komt de leerling in aanmerking voor beoordeling in de derde ronde. Als het aantal verliespunten 2½ of meer is wordt de leerling besproken. De docentenvergadering beslist op basis van argumenten of de leerling in aanmerking komt voor beoordeling in de derde ronde. Leerlingen die niet door kunnen gaan naar de derde ronde worden afgewezen.
 
Ronde 3:
In deze ronde wordt de leerling alleen beoordeeld op de zes gekozen examenvakken. De leerling wordt bevorderd als de SE-cijfers van deze vakken gemiddeld 5,5 of meer zijn en bij de rapportcijfers
      geen cijfer lager dan 6 voorkomt of
      éénmaal het cijfer 5 voorkomt of
      tweemaal het cijfer 5 voorkomt en de som van de zes cijfers 36 of meer is of
      éénmaal het cijfer 4 voorkomt en de som van de zes cijfers 36 of meer is.
 
In alle andere gevallen wordt de leerling afgewezen.